MARE & FOAL CENTER

De service van het Lelymare Mare & Foal Center begint bij de drachtige fokmerrie. Ze wordt tijdens haar dracht op Lelymare begeleid om vervolgens onder de juiste begeleiding te bevallen van haar veulen.
Het eerste half jaar zal het veulen op natuurlijke wijze bij de merrie, in een kudde, opgroeien. In de kudde maakt het veulen kennis met rangorde en sociaal gedrag.
Geleidelijk neemt het steeds meer afstand van zijn moeder en gaat het spelen met de andere veulens. Het drinkt en eet nu zelf en gaat zijn eigen gang.
Als het tijd is om te spenen wordt de merrie uit de kudde gehaald. Het veulen zal wel even zijn moeder missen, maar zal ontdekken dat de rest van de kudde er nog is. De rust is daarom snel weergekeerd. Het veulen kan vervolgens op Lelymare zo natuurlijk mogelijk opgroeien, om een stevige basis te leggen voor een gezond en sterk gestel en karakter.

De drachtige merrie
De drachtige merrie loopt tijdens haar dracht in de kudde waar ze later ook met haar veulen zal lopen. Deze kudde bestaat uit jaarling merries, tweejarige merries, fokmerries en een aantal gepensioneerde merries. De drachtige merrie krijgt de juiste zorg en aandacht en wordt tijdens haar dracht bijgevoerd met muesli voor drachtige & zogende merries.
Een maand voor de bevalling komt ze ’s nachts in een speciale stal van 5 x 3 meter met cameratoezicht. Zodra de merrie tekenen geeft om te bevallen, krijgt ze een Birth Alarm om. Overdag loopt ze gewoon in haar vertrouwde kudde en indien nodig heeft ze dan ook een Birth Alarm om. Het gebeurt regelmatig op Lelymare dat de merries overdag in de kudde bevallen van hun veulen. Dit geeft aan hoe vertrouwd en rustig de kudde is.

De merrie en haar veulen 
Na de geboorte komen ze samen in een weide naast de kudde te staan, zodat het veulen rustig kan wennen. We kunnen zo het veulen ook goed in de gaten houden. Als dat allemaal goed gaat, gaan ze weer samen de kudde in. De maanden na de bevalling wordt de merrie steeds bijgevoerd met muesli voor drachtige & zogende merries. Zo krijgt het veulen alle vitaminen en mineralen binnen via de merrie. 

Het veulen zonder haar moeder
Na minimaal zes maanden wordt het veulen gespeend, de merrie wordt uit de kudde gehaald. Maar het kan zeker geen kwaad om het veulen zelfs zeven of acht maanden bij de moeder te laten lopen. Omdat ze in een kudde lopen, gaan de veulens hun eigen gang. Uit ervaring blijkt dat het spenen op deze manier minder tot niet stressvol is voor het veulen, omdat het in zijn eigen kudde blijft. Als de merrie weer drachtig is kan zij op Lelymare blijven. 
We halen dan de merrie enkele weken uit de groep en daarna kan ze weer de kudde in. De merrie geeft dan aan dat het veulen voor zichzelf moet zorgen.

Het is ook een mogelijkheid om de merrie en haar veulen na de bevalling naar Lelymare te brengen of enkel het veulen als hij/zij gespeend is. Nieuwe merries met hun veulens komen ook eerst een paar dagen in een weide naast de kudde te staan en zo kunnen ze rustig wennen. We zorgen dat gespeende veulens tegelijk op Lelymare komen, zodat ze eerst vriendjes kunnen worden. Samen kunnen ze dan na een paar dagen de kudde in. Als het veulen niet tegelijk met een ander veulen komt, dan halen we daarvoor een veulen uit de kudde. Daardoor komt het veulen in het begin niet alleen te staan in de kudde. 

Lees meer over de weilanden en de samenstelling van de kuddes en over het voer en de verzorging

Belangrijk om te weten dat alle paarden influenza en rhino geënt dienen te zijn.

Foto's: Bitmagazine/Lonneke Ruesink
Foto's: Bitmagazine/Lonneke Ruesink